Category: Achtergrond, GASTBIJDRAGE
20 Februari '10 - 20:33
INVLOEDRIJKE MUZIKANTEN: GIVE THE DRUMMER SOME DEEL II
Door Rene de Hilster
De komende tijd zal op JazzPodium een reeks muzikanten de revue passeren die voor de jazz van ongelofelijk grote betekenis zijn geweest. De eerste drie afleveringen zijn gewijd aan de slagwerkers. In deze tweede aflevering staan de drummers uit de bebop en de hardbop periode centraal.
Art Blakey (1917 – 1991)
Blakey was DE drummer uit de begindagen van de hardbop en is vooral bekend als leider van The Jazz Messengers, een groep die hij decennia lang heeft geleid en waaruit heel veel jazztalent is voortgekomen. Met al dat aanboren van nieuw talent zou je bijna vergeten dat Art Blakey ook nog een zeer spraakmakende drummer was.
Begonnen als pianist werd hij op een gegeven moment door een nachtclubeigenaar achter de drums gezet. Voor deze move was er trouwens wel enige dreiging met een pistool nodig! Blakey ontving belangrijke drumlessen van Chick Webb en Kenny Clarke en bracht die in de praktijk tijdens het spelen met de Billy Eckstine Big Band. Zijn stijl zat ergens tussen Kenny Clarke en Chick Webb in oftewel een bebopdrummer met bigband trekjes. Toen en ook later tijdens zijn carrière is Blakey nooit echt een zeer subtiele drummer geweest. Daartegenover stond zijn vette groove, zijn gevoel voor dynamiek en het vermogen om een solist tegelijkertijd te ondersteunen en op te jagen. Aspecten die hem een unieke drummer maken.
Max Roach (1924 – 2007)
Wie Roach hoort spelen op de beroemde Savoy en Dial sessies van Charlie Parker hoort overduidelijk de invloed van Clarke, maar er is meer. Ritmisch is Roach nog beweeglijker en hij neemt meer vrijheid. In de jaren vijftig, vooral in zijn samenwerking met Clifford Brown, komen daar nog allerlei poliritmische effecten bij. Na de vroegtijdige dood van Clifford Brown gebeurt er iets met het spel van Roach. Zijn beat op het ridecymbal loopt niet lekker meer en hij lijkt vooral geïnteresseerd te zijn in de melodisch aspecten van de drums. Ook vindt hij het nodig om zijn muziek met politieke elementen en het rassenvraagstuk te verweven. Zijn constante drang tot vernieuwing zorgt er verder voor dat Roach als bebopdrummer kan worden afgeschreven. Latere pogingen om samen te spelen met collega’s uit het bopverleden lopen dan ook meestal rampzalig af.
Roy Haynes (1925)
Roy Haynes is een drummende duizendpoot. Haynes heeft in zijn lange carrière vele stijlen gespeeld en heeft zich moeten aanpassen aan de al dan niet terechte eisen van een grote verscheidenheid aan bandleiders. Roy Haynes heeft dan ook echt met bijna iedereen muziek gemaakt. In al die diversiteit heeft hij altijd zijn eigen herkenbare sound weten te behouden. Haynes is nog steeds actief en speelt vooral met zijn eigen groep waarin hij veel jong talent opneemt. Zo nu en dan versterkt hij met zijn crispy sound een allstarformatie en deelt het podium met de jazzgrootheden der aarde.
Dat spelen met die grootheden heeft van Roy Haynes geen makkelijk mens gemaakt. Dat ervaarde jazzjournalist Eddy Determeyer. Toen hij tijdens een interview informeerde naar de kaalheid van Haynes wees deze hem al briesend de deur.
Philly Joe Jones (1923 – 1985)
Joseph Rudolph Jones, beter bekend als Philly Joe Jones is vooral bekend van zijn werk bij Miles Davis. De invloed van Philly Joe op het drumspelen wordt vaak onderschat. Een reden hiervan is dat hij pas vrij laat “in beeld” kwam. Toen zijn samenwerking met Davis eenmaal goed van de grond was gekomen kon de wereld ervaren wat voor unieke drummer Jones eigenlijk was. Zijn Philly –lick (de haal over het drumvel) en de rimshot op de vierde tel zijn zaken die drummers tot op vandaag nog altijd spelen. De duistere kanten van Philly Joe (zwaar verslaaf en dus helaas onbetrouwbaar) deden hem geen goed en Miles moest hem ontslaan. Nadien speelde hij bij meerdere jazzgroten maar ook daar werd hij vaak wegens zijn onbetrouwbaarheid weer weggestuurd. Eind jaren zestig woonde Philly Joe nog een tijdje in Europa (Parijs en Londen) en was zelf voornemens om een drumschool te beginnen. Dat is er niet van gekomen. Wel heeft hij nog een band opgericht om de muziek van Tadd Dameron nader onder de aandacht te brengen. Het spelen met Dameronia waren helaas ook zijn laatste activiteiten. De niet erg gezond levende drumlegende overleed op 30 augustus 1985 aan de gevolgen van een hart aanval.
Elvin Jones (1927 – 2004)
Detroit schijnt een waar broednest voor jazztalent te zijn. Vele goede muzikanten komen uit Motown. Opvallend aanwezig in de jazzscene aldaar waren de Jones broertjes. De jongste van drie, Elvin Ray genaamd, zou zich ontpoppen tot een invloedrijke drummer. Vooral het poliritmische effect, wat al te horen was bij Max Roach, werd door hem verder uitgewerkt. Zoals drummer Wim Kegel ooit tegen mij zei: “Elvin Jones speelt als een trein waarboven op nog een klein treintje heen en weer rijdt.” Wie goed naar Elvin luistert, kan dat beeld gemakkelijk visualiseren. De complexe drumpartijen die Elvin, vooral achter John Coltrane, laat horen lijken soms door twee drummers gespeeld. Verder is zijn power ongeëvenaard. Zijn samenwerking met John Coltrane deed waarschijnlijk een hoop aspirant drummers overgaan tot het kopen van een drumset. Helaas waren veel van die sets later weer tweedehands te kopen omdat Elvin niet na te doen noch te overtreffen is.
Tony Williams (1945 – 1997)
Wat Elvin Jones was voor John Coltrane was Tony Williams voor MIles Davis; een energieke motor die de groep een geheel eigen geluid gaf. Tony Williams was afkomstig uit Boston en had daar les gehad van Alan Dawson. Dawson was zelf een drummer van formaat die speelde met één been in het heden en één been in het verleden. Tony was een enthousiaste student van de gehele jazzgeschiedenis en hij slurpte het spel van zijn voorgangers gulzig op. Dit cultiveerde in een unieke eigen stijl die op zijn 17de al duidelijk herkenbaar was. Uitdagingen ging Tony ook al niet uit de weg en na zijn periode bij Miles dook hij vol overgave in de jazzrock met zijn groep Lifetime waarbij hij zelfs vocaal van zich liet horen. In de jaren zeventig werkt hij veelvuldig samen met zijn bandgenoten uit het Miles Davis Quintet in een serie V.S.O.P. (Very Special One time only Performance) groepen. Behalve een groot drummer was Tony Williams een begenadigd componist. Dat was vooral te horen in de akoestische kwintetsetting waarmee hij in de jaren 80 en 90 rondtoerde.
Tony Williams zou van ongelofelijke invloed zijn op de jazzwereld in het algemeen en de drumwereld in het bijzonder. IN de volgende aflevering is daar meer over te lezen.
(Dit artikel verscheen eerder in het blad Jazz)